In anderhalf uur van Annen naar Groningen (25km), daar Laura Dekker, mijn collega actrice bij Toneelgroep Raamwerk, oppikken, en dan naar Diever rijden. Dat moest kunnen vond ik.
Enfin, ik stond zaterdag voor Groningen al in de file met een heuse lijkkist naast me in de auto (hoefde goddank niet op het dak). Zelden zoveel vreemde blikken gezien.
De lijkrede van Marcus Antonius uit Julius Ceasar zou het gaan het worden, vandaar de kist.
Met excuses voor het te laat zijn schoven we aan bij het voorstel rondje. Een heerlijk gemelleerd gezelschap, mannen, vrouwen, oud, jong, lokaal en van verre, en ieder zijn eigen drijfveer om mee te doen.
Vervolgens met z’n allen in de open wagen naar het fraaie, oude centrum van Diever, om even gevoel te krijgen met de podia en sfeer te snuiven.
Daarna terug naar het Shakespeare theater om, voor wie wilde, nog even te kunnen oefenen met een regiseur/eusse en vervolgens te eten.
Met een langzaam groeiende gezonde spanning in mijn lijf heb ik me daar in mijn zwarte pak gehesen (die blauwe schoenen die er nog staan zijn van mij) en zijn we definitief vertrokken naar de Brink. Na de nodige voorbereiding (Laura een wijntje, ik bier, gevolgd door even in stilte drentelen), konden we aan de bak.
Ik heb behalve de mensen die met mij op het eerste podium begonnen niet veel van anderen gezien, maar het was wel duidelijk dat Shakespeare heel uiteenlopende monologen heeft geschreven en dat de invalshoeken om het te spelen ook legio zijn. Zij die er waren kunnen dat beamen, zij die er niet waren mogen terecht spijt hebben, want ze hebben wat gemist.
Over mijn eigen optreden was ik wel tevreden. Ik had het gevoel dat ik het niet zo grote, maar wel geinteresseerde publiek van liefhebbers wel kon pakken en dat de verschillende emoties uit die overigens prachtige monoloog naar voren kwamen. Maar. Altijd knaagt daar dan die maar. Dit kon beter, dat had ik iets anders willen doen, hier had meer ingezeten en daar, ach ja, wel aardig.
En zo ging het nog 2 keer, met wisselende maren…
Eerlijk is eerlijk, ik heb me tijdens het spelen geen seconde met een competitie bezig gehouden. Veel te druk bezig met proberen iets moois neer te zetten, wat recht zou doen aan de tekst.
Na het laatst optreden (eerst even een biertje), komt dat weer, maar al die maren en geen idee wat er op de andere podia gedaan was, gaven mijn niet het gevoel dat het genoeg zou zijn.
Vervolgens met zijn allen in de kerk en daar genoten van prachtige, indrukwekkende lasershow. Over het licht zien gesproken.
Daarna de prijsuitrijking.
“Piet van Gogh” uitgesproken in prachtig engels. Schrik, verbazing, blijdschap, ongeloof, noem maar op, alles passeerde de revue.
Schrik is inmiddels vervangen door trots, maar de rest komt nog steeds voorbij.
Organisatie, bedankt voor een hele leuke, boeiende dag!
En die schoenen kom ik vanavond halen.


